De afnemende waterstand in de Europese rivieren vormt een bedreiging voor de brandstofvoorziening, de industrie en de voedselprijzen

De aanhoudende hitte leidt tot lage waterstanden in rivieren. Dit jaar werd niet alleen gekenmerkt door lage waterstanden, maar ook doordat deze gedurende een langere periode onder het minimale bevaarbare niveau bleven.

Dit is op zijn beurt wat uitmondt in een crisis op het gebied van vervoer, industrie, landbouw en waterbeheer. Het directe probleem is dat schepen hun lading moeten verminderen naarmate de vaardiepte afneemt.

Dat leidt tot hogere vrachtkosten en kan de aanvoer van brandstoffen, chemicaliën, ertsen, steenkool, graan en industriële grondstoffen verstoren. Tot de secundaire gevolgen behoren onder meer meer vrachtverkeer, hogere consumentenprijzen, productievermindering, zoutwaterintrusie, verslechtering van de waterkwaliteit, beperkingen op irrigatie en druk op de elektriciteitsproductie.

Rijn, Maas, Schelde

De situatie is niet overal hetzelfde. De Rijn en zijn Nederlandse zijrivieren, waaronder de Waal en de IJssel, vormen het belangrijkste economische knelpunt voor België, Nederland en Duitsland.

De Maas is vooral van belang voor de beschikbaarheid van zoet water en het sluisbeheer. Rond de Schelde ligt de nadruk momenteel vooral op verzilting en het kanaal Gent-Terneuzen, en niet zozeer op de afsluiting van de getijden-Schelde zelf. Verder naar het oosten veroorzaakt de Donau op uitzonderlijke schaal verstoringen in de scheepvaart, de brandstofvoorziening en de elektriciteitsproductie.

In Nederland, tHet Twentekanaal is al afgesloten vanwege de lage waterstanden in de grote rivieren. De De Rijn in Nederland heeft nu officieel zijn laagste peil ooit bereikt. In Duitsland waren al historisch lage waterstanden in de Rijn gemeten, waardoor de vaardiepte nog verder afnam.

Slechts 25% aan gewone lading

De dalende waterstanden zorgen nu al voor verstoringen in het vrachtvervoer: omdat schepen minder diep in het water kunnen liggen, kunnen ze minder lading vervoeren, waardoor er meer schepen nodig zijn. Dit drijft de transportkosten op.

Vervoersschepen op de Rijn, de Waal en de IJssel kunnen slechts ongeveer 25 procent van hun normale lading vervoeren. Daardoor worden de depots in Hengelo en Enschede niet langer bevoorraad. Brandstofleveranciers zijn nu genoodzaakt om veel grotere afstanden afleggen en benzine en diesel betrekken uit depots in het westen van het land.

De extra kilometers kosten de brandstofleveranciers veel geld. Daar komt nog bij dat de brandstof in de depots ook duurder is vanwege de laagwatertoeslagen voor het vervoer per binnenschip naar de brandstofdepots.

De gevolgen zijn voorspelbaar: de prijzen aan de pomp stijgen. Hopelijk valt er binnenkort voldoende regen; anders valt niet uit te sluiten dat brandstoftekorten er uiteindelijk toe zullen leiden dat tankstations hun deuren moeten sluiten.

Nationaal overleg over de droogte

Sinds 16 juli geldt er in Nederland officieel een watertekort. Elke week vindt er in Den Haag een nationaal overleg over de droogte plaats, en alle regio's bevinden zich nu in een staat van verhoogde paraatheid. 

Overal worden maatregelen genomen om het beschikbare water zo efficiënt mogelijk te verdelen en, waar mogelijk, vast te houden. Daarnaast bestaat het risico dat dijken verzakken als gevolg van de lage waterstanden.

Boeren in grote delen van Nederland ondervinden nu al de gevolgen van watertekorten. In sommige gebieden gelden voor hen verboden op het onttrekken van water uit rivieren, meren en sloten – en soms zelfs uit het grondwater. Deze verboden beperken de mogelijkheden voor irrigatie.

In principe mogen consumenten hun tuin blijven besproeien of hun auto blijven wassen, hoewel het Ministerie van Waterbeheer de mensen wel vraagt om “het hele jaar door bewust met water om te gaan”.”

België

In Vlaanderen (België) is er sprake van een aanzienlijk watertekort, waardoor actieve coördinatie en waterbesparende maatregelen nodig zijn, maar het gaat nog niet om het hoogste noodniveau.

Het belangrijkste economische risico op korte termijn is het kanaal Gent-Terneuzen, dat de industriële havenzone van Gent verbindt met de Westerschelde en de Noordzee.

Voor bedrijven in de Noordzeehaven zijn de gevolgen onder meer onzekere leveringen, hogere vrachtkosten en mogelijke problemen met water dat wordt gebruikt voor koeling of industriële processen. Hoge chloridegehaltes kunnen bovendien schade toebrengen aan zoetwaterecosystemen en het watergebruik in de landbouw beperken.

Wallonië noemt de situatie op zijn bevaarbare rivieren zorgwekkend. Acht Waalse gemeenten hebben beperkingen op het watergebruik ingesteld. Drinkwaterzuiveringsinstallaties en distributienetwerken staan onder grote druk door het verhoogde verbruik, hoewel er in Wallonië geen algemene drinkwatertekorten zijn.

België heeft nog niet te maken met een even ernstige stilstand van de binnenvaart als in delen van Duitsland of het oosten van Nederland. Er zijn momenteel geen aanwijzingen voor een algemeen tekort aan brandstof of drinkwater in België.

Duitsland

In Duitsland bevindt het belangrijkste knelpunt op de Rijn zich ter hoogte van Kaub, tussen Koblenz en Mainz. Het vrachtverkeer gaat door, maar sommige rederijen melden dat schepen slechts voor ongeveer 20% beladen varen.

Volgens een scenario van het Kiel-instituut zouden aanhoudend lage waterstanden in de Rijn de Duitse economische productie in het derde kwartaal met maar liefst 0,2% kunnen doen dalen. Dit is eerder een stressschatting dan een zeker resultaat, maar het illustreert hoe een transportprobleem kan uitgroeien tot een macro-economisch probleem.

Misschien vind je dit ook leuk

Maak een gratis account aan of log in.

Krijg toegang om dit artikel te lezen, plus beperkte gratis inhoud.

Ja! Ik wil graag nieuwe inhoud en updates ontvangen.