VRT Nieuws dossier: ‘Vlaanderen is de tweede fietsregio van Europa’

Door 2040 moet 30 procent van alle verplaatsingen in Vlaanderen met de fiets gebeuren. Dat is de ambitie van de Vlaamse regering, die jaarlijks 300 miljoen euro wil investeren in haar fietsbeleid. Deze investeringen zullen in de toekomst zeker renderen, zeggen experts. 

Ook de Vlaamse regering wil een geïntegreerd fietsbeleid. Minister van Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA) wil ook haar collega's van sport, cultuur en onderwijs hierbij betrekken. Verkeersdeskundige en mediawoordvoerder Hajo Beeckman een uitgebreid dossier over “Fietsen in Vlaanderen” voor VRT Nieuws.

Regionale verschillen

Vlamingen fietsen ook steeds meer. Ongeveer 20 procent van onze werkweekverplaatsingen gebeuren met de fiets. Hiermee staat Vlaanderen op de tweede plaats in heel Europa, na Nederland (en voor Denemarken).

Toch zijn er enkele opvallende verschillen tussen de regio's. Fietsen is extreem populair in Antwerpen, de Antwerpse Kempen, Brugge en Gent-Eeklo, en - vreemd genoeg - het minst populair in Limburg, de provincie met het best ontwikkelde fietsnetwerk.

In Vlaams-Brabant is het beeld verdeeld. In de bredere regio rond Leuven is fietsen gebruikelijker dan in de Vlaamse rand rond Brussel en in het westen van de provincie.

Meer controle

Volgens Patrick D'haese, fietsmanager die het fietsbeleid coördineert bij de Vlaamse overheid, Fietsen is het populairst in stedelijke gebieden met een dichte bevolking, lange files en beperkte parkeergelegenheid. De auto is daarentegen populairder in regio's waar voorzieningen verder weg zijn.

Volgens mobiliteitsexpert en gastprofessor aan de Universiteit Antwerpen en de Universiteit Gent, Dirk Lauwers, de populariteit van de fiets (ook fatbike of e-scooter) is nadelig voor het openbaar vervoer. Waarom? Omdat hebben we meer controle over onze reistijd en zijn we niet afhankelijk van de dienstregeling van een transportbedrijf.

Antwerpen

De provincie Antwerpen is duidelijk de wielerkampioen van Vlaanderen. Nergens in Vlaanderen is fietsen zo gewoon. Ter vergelijking: in heel Vlaanderen wordt gemiddeld iets meer dan één op zes verplaatsingen (18 procent) met de fiets gemaakt.

Bijna één op vier verplaatsingen (23 procent) in de hele provincie Antwerpen gebeurt met de fiets, Of het nu gaat om scholieren, werknemers, winkelend publiek of recreatieve fietsers. Kempenaars nemen vaak de fiets; de sterke fietstraditie speelt hierbij een rol.

Het succes van fietsen naar het werk kan niet los worden gezien van de opkomst van de elektrische fiets. Bijna de helft van alle werkgerelateerde fietsverplaatsingen in Antwerpen zijn al elektrisch. Zesenveertig procent van de Antwerpse gezinnen heeft een elektrische fiets en vijf procent heeft een speed pedelec.

Wie lange afstanden fietst, maakt waarschijnlijk regelmatig gebruik van de provinciale fietssnelwegen. Momenteel heeft de provincie Antwerpen 495 kilometer aan fietssnelwegen. In 2024 waren er meer dan 34 miljoen fietsers geregistreerd - een stijging van meer dan 31 procent in vijf jaar.

De afgelopen jaren hebben veel stadscentra gekozen voor een autovrij stadscentrum. In Mechelen bijvoorbeeld is de hele binnenstad sinds 2019 één doorlopende fietszone. In de 179 fietsstraten moet het gemotoriseerd verkeer achter de fietsers blijven. Ook in Lier zijn sinds 2021 bijna alle straten binnen de wallen fietsstraten.

West-Vlaanderen

Na Antwerpen is West-Vlaanderen de provincie met de meeste fietsers. Eén op vijf reizen in deze provincie met de fiets. Vierentwintig procent gebruikt de fiets dagelijks, 29 procent minstens één keer per week.

Fietsen is vooral populair in de Brugse regio. 24 procent, of één op de vier verplaatsingen, wordt met de fiets afgelegd, misschien wel omdat het een stedelijk gebied is met kortere afstanden. In Brugge, met bijna 28 kilometer aan fietszones, krijgen fietsers ook de ruimte om veilig te fietsen. Met 390 fietsstraten heeft Brugge de grootste fietszone van het land. Echter, tOm naar het werk te gaan, blijft de auto het populairste vervoermiddel (60 procent).

Limburg

Limburg staat bekend als de ‘fietsprovincie’, maar in vergelijking met de rest van Vlaanderen fietsen Limburgers het minst. Slechts 11 procent van alle verplaatsingen gebeurt met de fiets. Dit is beduidend lager dan het Vlaamse gemiddelde van 18,5 procent.

In het weekend wordt er veel gefietst in Limburg, maar op maandagochtend, als de werkweek begint, stapt iedereen in de auto. MMeer dan de helft van de ritten is ook korter dan vijf km. De gemiddelde Limburger fietst slechts 13 procent van alle vrijetijdsverplaatsingen. Dat is ook lager dan in alle andere Vlaamse provincies. En toch is Limburg een ‘fietsparadijs’.

Deskundigen zijn het erover eens: hoe beter de fietspaden, hoe meer er gefietst zal worden. De cijfers bevestigen dit. Sinds de opening van het Kolenspoor tussen Genk-Noord en As half juni zijn er 85.000 fietsers geregistreerd, dat zijn bijna 1.000 fietsers per dag.

Meer dan 13 procent van al het woon-werkverkeer in Limburg gebeurt momenteel met de fiets; 76,8 procent van het woon-werkverkeer in Limburg gebeurt nog steeds met de auto. Maar volgens HR-dienstenbedrijf Acerta moeten Limburgers ook het verst rijden om op hun werk te komen: gemiddeld 25 km, dat is 4 kilometer meer dan de gemiddelde Vlaming. De gemiddelde Belg pendelt 37 kilometer per dag van en naar zijn werk; nergens anders in Europa is die afstand zo groot.

Veiligheid

Helaas is er op het gebied van veiligheid nog werk aan de winkel. Ook de infrastructuur laat soms te wensen over. In 2024 stierven 77 fietsers in heel Vlaanderen, raakten 822 ernstig gewond en 8.474 lichtgewond. Het spreekt voor zich dat die cijfers absoluut omlaag moeten.

Misschien vind je dit ook leuk

Maak een gratis account aan of log in.

Krijg toegang om dit artikel te lezen, plus beperkte gratis inhoud.

Ja! Ik wil graag nieuwe inhoud en updates ontvangen.