Slechts enkele dagen na de aankondiging van een reorganisatie die zou kunnen 344 banen in gevaar brengen, D’Ieteren Automotive heeft een nieuwe Bugatti-showroom en -werkplaats geopend in Drogenbos, ten zuiden van Brussel.
Op het eerste gezicht lijkt de timing nauwelijks tegenstrijdiger te kunnen zijn. In werkelijkheid zegt dit echter veel over waar de grootste auto-importeur van België denkt dat er nog geld te verdienen valt in de autosector.
De nieuwe Bugatti-vestiging in Brussel brengt de verkoop- en aftersalesafdelingen samen in het luxecluster van D’Ieteren in Drogenbos, waar Bentley, Lamborghini en Rimac al gevestigd zijn en Porsche naast de deur zit.
Twee monteurs hebben een gespecialiseerde opleiding gevolgd bij Bugatti in Molsheim, en de werkplaats zal niet alleen recente modellen, maar ook historische Bugatti’s onderhouden.
Zes tourbillons voor het kleine België
Er is genoeg werk om die expertise te rechtvaardigen. In België zijn er momenteel 15 moderne Bugatti’s uit het Veyron-tijdperk en later. Er zijn al zes extra auto’s onderweg in de vorm van de nieuwe Tourbillon met 1.800 hp.
Van de in totaal slechts 250 Tourbillons die wereldwijd gepland staan, hebben Belgische klanten 2,4% van de totale productie voor zich weten te reserveren. Met een prijs van 3,8 miljoen euro vóór belasting kost de auto ongeveer 4,6 miljoen euro inclusief Belgische btw, exclusief opties.
Dat klinkt misschien absurd onevenredig voor een land met amper 12 miljoen inwoners, maar Bugatti is geen op zichzelf staand geval. België heeft een opmerkelijk grote voorliefde voor dure auto’s, ook al krimpt de totale markt voor nieuwe auto’s.
33%: er zijn meer Ferrari’s verkocht
Uit cijfers van FEBIAC blijkt dat er in 2025 202 Ferrari’s werden geregistreerd, een stijging van bijna 33% in een jaar waarin de totale Belgische markt voor personenauto’s met 7,5% daalde tot 414.770 eenheden. Bentley steeg naar 105 registraties, Lamborghini bereikte 95, Aston Martin 82 en Rolls-Royce 28.
Ferrari geeft een goed beeld van hoe bijzonder België is. Met 202 registraties komen we uit op ongeveer 17 nieuwe Ferrari’s per miljoen inwoners.
Duitsland scoorde nog hoger, met ongeveer 21 per miljoen (1.746 auto’s), maar Nederland registreerde slechts 116, zo’n zes per miljoen, terwijl de 403 auto’s in Frankrijk ook neerkomen op ongeveer zes per miljoen. België presteert dus ver boven zijn gewicht in termen van bevolkingsaantal, zelfs in vergelijking met veel grotere Europese automarkten.
En deze trend is ook in 2026 nog niet verdwenen. Tot en met augustus waren er in België nog eens 143 Ferrari’s, 74 Lamborghini’s en 65 Aston Martins geregistreerd.
Van volume naar waarde
Dit verklaart mede waarom D’Ieteren het topsegment van de markt heel anders benadert dan het middensegment. Vorige week verklaarde het bedrijf dat het traditionele model voor nieuwe auto’s onder structurele druk staat en lanceerde het een transformatieplan voor de periode 2026-2030.
Volgens het voorstel zouden er tot 344 banen kunnen verdwijnen, doordat vestigingen en functies worden samengevoegd nu D’Ieteren meer nadruk legt op tweedehandsauto’s, financiering, verzekeringen, onderhoud en mobiliteitsdiensten.

Het doel is steeds meer om gedurende de gehele levensduur van een auto inkomsten uit klanten te genereren, in plaats van voornamelijk op het moment van verkoop. Een Bugatti is een extreem voorbeeld van die logica.
Een Veyron die twintig jaar geleden is verkocht, kan nog steeds naar Drogenbos terugkeren voor zeer gespecialiseerd onderhoud; een historische Bugatti kan generaties lang een waardevol bezit voor de eigenaar blijven. Eigenaren zijn bovendien veel minder prijsgevoelig en hebben de neiging om collecties aan te leggen in plaats van simpelweg de ene auto door de andere te vervangen.
D’Ieteren had al de divisie Luxury Performance opgericht om Porsche, Bentley, Lamborghini, Bugatti, Rimac en Maserati onder één paraplu te brengen. Volgens het bedrijf zou het hoogste luxesegment tegen 2030 met 8-14% kunnen groeien, terwijl bijna een op de drie “echte luxeauto’s” die in België worden verkocht, al via D’Ieteren verloopt.
De opening in Drogenbos moet daarom niet louter worden gezien als een teken dat D’Ieteren royaal investeert in een nichemarkt terwijl er elders banen worden geschrapt. Bugatti verhuist van zijn zelfstandige pand aan de Rue du Mail in Brussel naar een bestaand luxecentrum, wat aansluit bij het streven van de groep om vestigingen te consolideren en ondersteunende diensten te delen.
Toch een opvallend contrast
Maar het sociale contrast is opvallend. Terwijl honderden banen in de massamarkt onzeker zijn omdat de verkoop van gewone nieuwe auto’s steeds moeilijker en minder winstgevend wordt, versterkt D’Ieteren de tak van het bedrijf die zich richt op klanten die bereid zijn enkele miljoenen euro’s uit te geven aan één enkele auto.
De boodschap kan nauwelijks duidelijker zijn: D’Ieteren gelooft niet dat de autosector aan het verdwijnen is. Het bedrijf is van mening dat de waarde zich verschuift van louter volume naar diensten, langdurige klantrelaties en, op het allerhoogste niveau, schaarste.


