Febiac en Renta, de federaties van autofabrikanten en verhuurbedrijven in België, waarschuwen dat de invoering van een verplicht mobiliteitsbudget in de leasingsector in België vanaf 1 januari 2026 volstrekt onrealistisch is en de federale overheid zo'n 10 à 15 miljoen euro zal kosten.
Febiac en Renta benadrukken het belang van bedrijfswagens als de motor van zakelijke mobiliteit, maar verwelkomen ook alle mobiliteitsmiddelen die woon-werkverkeer en zakenreizen gemakkelijker en comfortabeler maken.
“Het federale mobiliteitsbudget kan een waardevolle en sterke hefboom zijn in deze transitie,” stellen ze, ”maar er is één belangrijke voorwaarde: de regels moeten eenvoudig en duidelijk zijn en gericht op het hoofddoel: zoveel mogelijk werknemers de mogelijkheid bieden om hun vervoer en mobiliteitswijze te kiezen.”
Om dit te realiseren, moeten bedrijven voldoende tijd krijgen om dit mobiliteitsbudget in hun organisatie te implementeren, en dat is waar het volgens Febiac en Renta fout gaat.
Te haastig
De federale overheid wil het aanbieden van een mobiliteitsbudget verplicht stellen. Werknemers zullen dan een alternatief hebben voor de bedrijfswagen. De federale regering voorzag ook een hervorming van de formule en een uitbreiding naar alle werknemers, niet alleen diegenen die recht hebben op een bedrijfswagen.
Volgens Febia en Renta geven bijna alle experts toe dat deze stap een aanzienlijke draagtijd vereist om de nodige veranderingen voor te bereiden en door te voeren. En dat is wat de regering nu over het hoofd ziet, met haar plotselinge voorstel om 1 januari 2026 als invoeringsdatum vast te stellen. “Dit zal veel werkgevers dwingen om op zoek te gaan naar deskundigen. Uit een zeer recent onderzoek in de HR-sector bleek dat de helft van alle werkgevers niet of slechts gedeeltelijk op de hoogte is van de verplichting en de implicaties ervan.”
Impact op de federale begroting
Volgens Febiac en Renta zal de overhaaste implementatie ook serieuze kosten met zich meebrengen: ze schatten die op maar liefst €100 miljoen. Een andere enquête van de twee federaties geeft aan dat op dit moment 10% van de gebruikers van bedrijfswagens openstaat voor een mobiliteitsbudget in plaats van hun huidige wagen. Dat zijn 60.000 werknemers van de 600.000 die momenteel in een bedrijfswagen rijden.
Wat de enquête ons niet leert, is hoeveel extra gebruikers van het mobiliteitsbudget er zullen zijn als de mogelijkheid wordt opengesteld voor alle werknemers. Logischerwijs zijn de mensen die al de voordelen van een auto van de zaak hebben het minst geneigd om over te stappen op een mobiliteitsbudget.
Stijn Blanckaert, CEO van Renta: “De federale overheid verliest (para)fiscale inkomsten op drie manieren: belastingen op bedrijfswagens, belastingen op het gebruik van bedrijfswagens voor de werknemers (voordeel in natura) en de betrokken vennootschapsbelastingen. Het gemiddelde jaarlijkse bedrag per wagen bedraagt 1.700 euro. Met 60.000 omzettingen zal dit een extra gat van €100 miljoen in de federale begroting creëren.”
Frank Van Gool, CEO van Febiac, besluit: “De gevolgen van deze beslissing reiken veel verder dan gedacht, zowel economisch, financieel als praktisch. Daarom doen we een dringende oproep aan de federale overheid om het mobiliteitsbudget te hervormen en uit te breiden voor alle werknemers. Een verplichte implementatie kan later volgen. Er is absoluut geen reden om zo'n belangrijk proces te overhaasten.”


