EU bereidt ‘Europa eerst’-regels voor EV-subsidies voor

De Europese Commissie bereidt wetgeving voor die vereist dat elektrische voertuigen in de EU worden geassembleerd en minstens 70% van hun onderdelen lokaal betrekken om in aanmerking te komen voor overheidssubsidies.

Deze stap kan de weg vrijmaken voor een formeel ‘Koop Europees’ industriebeleid, waar Volkswagen, Stellantis en andere Europese autofabrikanten onlangs om hebben gevraagd.

De Financial Times meldt dat de Europese Commissie bezig is met het opstellen van wetgeving om stimuleringsmaatregelen van de overheid voor de aankoop van nieuwe batterij-elektrische, hybride en brandstofcelauto's te koppelen aan de assemblage in de EU. Volgens dit plan zouden alleen voertuigen die in de EU zijn gebouwd in aanmerking komen voor subsidies, overheidsopdrachten en leaseregelingen.

Brussel wil ook dat ten minste 70% van de niet-batterijcomponenten in de EU wordt geproduceerd, gemeten naar waarde. Daarnaast moeten verschillende belangrijke batterijcomponenten uit de Europese Unie komen.

Echt, 70%?

De Commissie vermeldt de 70% componentdrempel nog steeds tussen vierkante haakjes in het ontwerp, wat aangeeft dat ambtenaren nog steeds over het cijfer debatteren en het mogelijk herzien.

De Commissie is van plan om op 25 februari de ‘Industrial Accelerator Act’ te publiceren, waarin de nieuwe regels zullen worden opgenomen. Brussel zal de wetgeving niet alleen voor de autosector laten gelden, maar ook voor de bouw en de zware industrie.

De voorgestelde wetgeving is bedoeld om EU-industrieën te beschermen door te eisen dat er bij openbare aanbestedingen rekening wordt gehouden met CO₂-emissies. De achterliggende gedachte is duidelijk: de verwerkende sector in de EU staat onder grote druk van goedkopere Chinese concurrentie, hoge energieprijzen en de kosten om te voldoen aan de strenge klimaatinitiatieven van de Unie. Het ‘Koop Europees’-initiatief is dus het resultaat van intensief lobbyen.

Dit lobbyen is niet beperkt gebleven tot inspanningen achter de schermen. De twee grootste autofabrikanten van Europa, Volkswagen en Stellantis, hebben publiekelijk campagne gevoerd voor een dergelijk initiatief.

Eerder deze maand stuurden VW CEO Oliver Blume en Stellantis manager Antonio Filosa een gezamenlijke open brief waarin ze opriepen om binnenlandse productie prioriteit te geven in de EU-klimaatregelgeving. Ze stelden ook financiële stimulansen voor en verklaarden: “Elk batterij-elektrisch voertuig ‘Made in Europe’ zou een CO₂-bonus moeten krijgen.”

Meer onafhankelijk

Het nieuwe ‘Buy European’-beleid maakt deel uit van de bredere strategie van de Europese Commissie om Europa's afhankelijkheid van China en de VS in verschillende sectoren te verminderen. Wetten zoals de Critical Raw Materials Act (CRMA) zijn al geïntroduceerd door de Commissie, maar deze zijn bedoeld als slechts het begin.

Niet alle lokale autofabrikanten zijn echter voorstander van een dergelijk subsidiebeleid. BMW heeft er bijvoorbeeld voor gewaarschuwd dat deze regelgeving voor onnodige kosten en bureaucratie kan zorgen.

Andere fabrikanten pleiten volgens de Financial Times voor een flexibelere ‘Made in Europe’-regel die verder gaat dan de EU en ook productiehubs zoals Turkije en het Verenigd Koninkrijk en belangrijke handelspartners zoals Japan omvat.

En dus hangt het er zeker ook vanaf waar deze ‘Europese’ fabrikanten hun productie al hebben uitbesteed. Net als de lidstaten van Europa hebben Europese fabrikanten vaak verschillende, zelfs tegengestelde belangen, wat het moeilijk maakt om gemeenschappelijke doelen en normen te bereiken.

Misschien vind je dit ook leuk

Maak een gratis account aan of log in.

Krijg toegang om dit artikel te lezen, plus beperkte gratis inhoud.

Ja! Ik wil graag nieuwe inhoud en updates ontvangen.