Het Belgische Interfederale Toetsingscomité, een orgaan dat tot taak heeft te waarborgen dat grote investeringen door buitenlandse, niet-Europese organisaties niet tot geopolitieke verrassingen leiden, heeft besloten de overname van de in Oostende gevestigde helikoptermaatschappij Noordzee Helikopters Vlaanderen (NHV) door een Chinese investeerder te blokkeren.
Deze bezwaren hebben betrekking op “risico’s voor de nationale veiligheid, de strategische belangen van België en mogelijke banden met de defensiesector”, aldus minister van Economie David Clarinval (MR).
Het besluit moet echter ook worden gezien tegen de achtergrond van een veel bredere Europese verschuiving, waarbij de EU een strategie nastreeft om de risico’s in haar relatie met China in cruciale sectoren zoals groene energie en kritieke infrastructuur te verminderen.
Gedetailleerde gegevens en logistieke kwetsbaarheden
Het plan was dat NHV, met 400 medewerkers en ongeveer 30 helikopters – een van de grootste Belgische bedrijven op het gebied van het vervoer van personeel en materiaal naar offshore-windparken en olie- en gasplatforms – zou worden overgenomen door het Ierse bedrijf GD Helicopter Finance (GDHF).
Dat bedrijf is een dochteronderneming van de Chinese luchtvaartgroep GDAT Group, die in China al een vloot van ongeveer 100 Europese helikopters van Airbus en Leonardo exploiteert.
Bijgevolg heeft iedereen die helikoptervluchten naar dergelijke windparken uitvoert, niet alleen fysieke toegang tot deze infrastructuur, maar beschikt hij ook over gedetailleerde gegevens over de locaties, de staat van de installaties en de logistieke kwetsbaarheden van de windparken.
Verband met Defensie
Naast de toegang tot cruciale offshore-infrastructuur – de Noordzee is een belangrijke energiebron voor België en een cruciale pijler van de Europese energietransitie – speelt er nog een andere belangrijke factor mee. Vorig jaar heeft het Belgische Ministerie van Defensie 20 nieuwe Airbus H145M-helikopters aangeschaft, en Airbus heeft NHV geselecteerd als onderaannemer voor het onderhoud van die vloot.
Aangezien zowel de aankoop als het onderhoudscontract waren goedgekeurd, zou een door China gecontroleerde onderneming verantwoordelijk zijn geweest voor het onderhoud van de nieuwe Belgische militaire helikopters. Bronnen binnen Defensie noemden dat “een stap te ver” – namelijk dat China inzicht zou krijgen in de Belgische luchtvaartsystemen.
Nu de overname zelf is tegengehouden, kan NHV – dat sinds 2013 eigendom is van de Franse investeringsmaatschappij Ardian – opnieuw meedingen naar dat onderaannemingscontract met Airbus. Eerder was de offerte van het bedrijf echter uit voorzorg opgeschort toen bekend werd dat Chinese partijen interesse hadden om het bedrijf over te nemen.
Bovendien: NHV heeft al een bewezen staat van dienst op defensiegebied. Het bedrijf heeft een contract van de Duitse Bundeswehr binnengehaald voor de levering en het onderhoud van drie H145S-helikopters voor de pilotenopleiding van de Special Forces in Laupheim, waarbij NHV verantwoordelijk is voor het onderhoud, de bevoorrading en de luchtwaardigheid. NHV verklaarde destijds zelf dat zijn vestiging in Oostende deze militaire operaties zou ondersteunen.

“Absoluut uitzonderlijk”
Volgens het kantoor van Clarinval is dit de eerste keer in drie jaar dat de regering een dergelijke investering heeft tegengehouden. Het noemt het besluit dan ook “volstrekt uitzonderlijk”.”
Op het eerste gezicht is het logisch dat een buitenlandse partij in NHV zou willen investeren: het is een gezond bedrijf met een sterke positie op de groeiende markt voor offshore-windenergie. Het blokkeren van de overname gaat echter verder dan het specifieke belang van China bij puur financieel gewin.
Allereerst is de Chinese wet op de nationale inlichtingendiensten sinds 2017 van kracht. Deze wet verplicht alle Chinese organisaties en burgers om op verzoek mee te werken met inlichtingendiensten. Europese regeringen maken zich hier terecht zorgen over: in theorie kan een Chinees bedrijf nooit weigeren gegevens door te geven aan Peking, zelfs niet als het in Oostende is gevestigd.
Hoe meer Chinese bedrijven verweven raken met de Europese energietransitie, hoe moeilijker het voor Europa wordt om sancties op te leggen of maatregelen te nemen tegen China, bijvoorbeeld in het geval van een escalatie met betrekking tot Taiwan.
We mogen immers niet vergeten dat China wereldleider is op het gebied van de productie van zonnepanelen, windturbines en batterijen. Door NHV over te nemen, zou China directe zeggenschap krijgen over een cruciale schakel in de bouw en het onderhoud van Europese windparken.
De politisering van de normale handel vanuit Chinees perspectief
Als je de situatie vanuit het perspectief van Peking bekijkt, ziet China dit natuurlijk anders. China beschouwt dit als discriminatie, protectionisme en de politisering van normale handel.
Wanneer een Amerikaans, Japans of Europees bedrijf een Belgisch bedrijf overneemt, levert dat zelden problemen op. Maar zodra een Chinees bedrijf – of een bedrijf met Chinees kapitaal – aanklopt, gaan de alarmbellen rinkelen. Peking beschouwt dit als een stigmatisering van Chinese bedrijven onder het mom van “nationale veiligheid”, wat volgens hen deel uitmaakt van de verwende “Koude Oorlog-mentaliteit” van het Westen.”
Bovendien wijst China erop dat Europa grote haast maakt met de transitie naar groene energie en dat Europese landen vaak te maken hebben met hoge kosten en een tekort aan kapitaal of expertise. Chinese investeringen zouden die transitie juist kunnen versnellen. Door Chinese investeringen af te wijzen, zo stelt Peking, brengt Europa zichzelf economische schade toe, drijft het de energierekeningen voor zijn eigen burgers op en brengt het zijn eigen klimaatdoelstellingen in gevaar.
De EU neemt risico’s weg
De afgelopen jaren heeft de EU haar benadering ten opzichte van China ingrijpend gewijzigd. Terwijl Europa zich jarenlang vooral richtte op handel en economische samenwerking, is het nu een fase van “de-risking” ingegaan: het verminderen van afhankelijkheden zonder de handelsbanden volledig te verbreken.
Het onderwerp waarover het meest wordt gesproken, is ongetwijfeld de importovereenkomst voor elektrische auto’s. Omdat de EU Chinese autofabrikanten, zoals BYD, MG, en Geely, ervan beschuldigt de prijzen in Europa kunstmatig te onderbieden door middel van omvangrijke, verboden staatssubsidies, legt de EU bovenop de standaard 10%-autobelasting extra invoerheffingen op, variërend van 17% tot 35,3% extra.
In mei 2024 heeft de EU bovendien de wet inzake kritieke grondstoffen aangenomen. Niet meer dan 65% van de jaarlijkse vraag naar een bepaalde grondstof mag afkomstig zijn uit één enkel derde land. Dit is geen directe strafmaatregel tegen China, maar is wel rechtstreeks gericht tegen de Chinese dominantie.
De EU heeft onlangs ook nieuwe invoerheffingen aangekondigd op bepaalde soorten Chinees staal en op biodiesel uit China, wederom vanwege vermeende dumpingpraktijken.
En via de “Net-Zero Industry Act” probeert de EU bovendien te voorkomen dat Europese fabrikanten volledig uit de markt worden verdrongen door goedkope Chinese zonnepanelen, door het voor Europese fabrikanten gemakkelijker te maken om staatssteun te krijgen.

Vlaamse of Belgische hoofdstad?
In juni riep ook de Belgische premier Bart De Wever (N-VA) de Europese leiders op om een samenhangende strategie te ontwikkelen om het hoofd te bieden aan wat hij omschreef als het streven van China naar economische dominantie.
En naar aanleiding van een onderzoek door de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (ADIV), de Belgische militaire inlichtingendienst, pleitte het Vlaamse parlementslid Jasper Pillen (Anders) in maart, tijdens een debat met minister-president Matthias Diependaele (N-VA), voor een actievere rol van het Vlaams Defensiefonds om cruciale expertise binnen de regio te behouden.
Het Vlaams Defensiefonds heeft tot taak om tot 1 miljard euro aan strategisch kapitaal bijeen te brengen voor bedrijven in de defensietechnologiesector, waarbij het beheer wordt gevoerd door PMV (Participatiemaatschappij Vlaanderen). Diependaele gaf vervolgens toe dat het Defensiefonds in theorie voor een dergelijk doel zou kunnen worden ingezet, maar deed dit zonder NHV specifiek te noemen.
Gezien de reactie van de Belgische regering en de discussie in het Vlaams Parlement over een mogelijk gebruik van het nieuwe Defensiefonds voor strategische bedrijven, rijst de vraag of een Europese industriële koper, een ander private-equityfonds of zelfs Belgisch overheidsgeld nu zou kunnen ingrijpen.


