Renault zal de Chinese concurrenten niet volgen in de trend naar steeds kortere ontwikkelingscycli voor voertuigen. CEO François Provost zegt dat ongeveer twee jaar in feite de ondergrens is voor een volledig nieuw platform en het eerste model daarop, als de Franse groep de nodige test-, validatie- en kwaliteitsprocedures wil handhaven.
Dat is een opvallende uitspraak voor een bedrijf dat de afgelopen jaren heeft geprobeerd een van de grootste concurrentievoordelen van China na te bootsen: snelheid.
De nieuwe elektrische Twingo E-Tech van Renault legde de weg van projectstart tot productiestart af in slechts 100 weken, ongeveer de helft van de tijd die een traditioneel programma in beslag neemt, terwijl de ‘futuREady’-strategie erop gericht is om een ontwikkelingscyclus van twee jaar tot de nieuwe norm te maken.
Programma’s voor complete voertuigen in 18 maanden
Sommige Chinese fabrikanten hebben de doorlooptijd van complete voertuigprogramma’s echter teruggebracht tot 18 maanden of zelfs minder. Provost is niet van plan om hen koste wat kost te volgen.
Dat standpunt lijkt ineens minder conservatief dan een jaar geleden. China begint zich nu zelf af te vragen of het in zijn streven om ontwikkelingscycli te verkorten niet te ver is gegaan.
Het Chinese Ministerie van Industrie en Informatietechnologie (MIIT) heeft eind augustus samen met drie andere instanties een landelijke kwaliteitscampagne van een jaar gelanceerd.
Het richt zich op consistentie in de productie, betrouwbaarheid, duurzaamheid en de validatie van nieuwe technologieën. Regelgevende instanties willen nadrukkelijk de ontwikkelingscycli van voertuigen onder de loep nemen en nagaan of steeds ingrijpender innovaties voldoende zijn getest voordat ze bij de klanten terechtkomen.
Dit volgt op onaangekondigde inspecties bij Chery, Nio en JAC, waarbij de toezichthouders voertuigen en aandrijfbatterijen hebben geselecteerd voor onafhankelijke tests.
Volgens Chinese berichten heeft Peking ook de betrouwbaarheidseisen voor voertuigen op nieuwe energie aangescherpt, waarbij het testkilometrage is verhoogd van 15.000 naar 30.000 km.
Van vier jaar tot 18 maanden
De achtergrond hiervan is de meedogenloze Chinese automarkt. Wat Europese, Japanse of Amerikaanse fabrikanten vroeger vier tot vijf jaar kostte, kunnen Chinese fabrikanten van elektrische auto’s nu in 12 tot 18 maanden voor elkaar krijgen.
Het vakblad Gasgoo citeerde onlangs leveranciers die zeiden dat 18 maanden niet langer een uitzonderlijke doelstelling is, maar slechts het “uitgangspunt”.
Caixin gaat nog een stap verder en stelt dat de gemiddelde R&D-cyclus voor nieuwe auto’s in China is teruggebracht tot ongeveer 18 maanden en dat sommige NEV-projecten zelfs tot slechts zes maanden zijn ingekort.
De nadelen worden steeds duidelijker: overhaaste programma’s worden in verband gebracht met vaker voorkomende kwaliteitsproblemen.
Dat is nu juist de ironie voor Renault. Het bedrijf heeft veel moeite gedaan om de trage Europese ontwikkelingsgewoonten af te schaffen, juist om van China te leren.
De elektrische Twingo is hiervan het duidelijkste voorbeeld. Deze auto werd in ongeveer 100 weken ontwikkeld via een gestroomlijnde samenwerkingsstructuur tussen Frankrijk, Ampere, het ACDC-ontwikkelingscentrum van Renault in Shanghai en de fabriek in Novo Mesto in Slovenië.
Volgens Renault heeft deze aanpak het normale tijdschema met ongeveer een jaar verkort en de ontwikkelingskosten gehalveerd. Leveranciers worden in een vroeger stadium bij het proces betrokken, terwijl gemeenschappelijke architecturen, digitale tools en AI bedoeld zijn om zowel de ontwikkelingstijd als de kosten te verminderen.
Deze versnelling gaat echter gepaard met pijnlijke herstructureringen. Renault is van plan om tegen eind 2027 15 tot 20% van zijn wereldwijde technische personeelsbestand te schrappen, waaronder ongeveer 800 banen in Frankrijk, en tegelijkertijd de vaardigheden te verleggen naar software, EV-technologie en AI. CTO Philippe Brunet heeft deze ingrijpende hervorming gepresenteerd als noodzakelijk om te kunnen concurreren met de snelheid en de kosten van Chinese concurrenten.
Hoe snel is te snel?
Toch combineert het futuREady-plan van Renault twee doelstellingen die wellicht steeds belangrijker zullen worden: auto’s binnen twee jaar ontwikkelen en het aantal kwaliteitsincidenten met 50% terugdringen.
Uit de ingrepen van de Chinese regelgevende instanties blijkt dat deze ambities niet met elkaar in tegenspraak zijn. De zogenaamde “Chinese snelheid” lijkt steeds minder te gaan over het simpelweg overslaan van maandenlange testfasen, en steeds meer over gemeenschappelijke platforms, hergebruik van beproefde componenten, vroegtijdige betrokkenheid van leveranciers, simulatie en snellere besluitvorming.
De sector nadert mogelijk dan ook een natuurlijke grens. Met een doorlooptijd van 24 maanden is Renault al ongeveer twee keer zo snel als het traditionele Europese ontwikkelingsmodel.
Een doorzet naar 18 maanden kan misschien werken voor afgeleide producten of sterk gedeelde architecturen. Voor een volledig nieuw platform begint de Chinese ervaring echter te laten zien wat er kan gebeuren als snelheid ten koste gaat van de validatie.
Europa heeft zich jarenlang afgevraagd hoe het net zo snel zou kunnen worden als China. De relevantere vraag is nu wellicht: hoe snel is te snel?


